Rb. Rotterdam 27 oktober 2004, ECLI:NL:RBROT:2004:AR4662

Na weigering van vrijwillige medewerking is op bevel van de Officier van Justitie ex art. 151b Sv van verdachte wangslijmvlies afgenomen ten behoeve van DNA-onderzoek. Verdachte is voorafgaand aan dit bevel niet gehoord door de Officier van Justitie, noch in de gelegenheid gesteld te worden bijgestaan door een raadsman. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van ernstige vormverzuimen, zijn de uitkomsten van het DNA-onderzoek op onrechtmatige wijze verkregen en moeten derhalve worden uitgesloten van het bewijs.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen