Rb. Rotterdam 28 november 2001, ECLI:NL:RBROT:2001:AD9382

verweerder heeft - het wachtgeld van eiser over de periode 1 augustus 2000 tot 2 november 2000 op nihil gesteld. - een bedrag van netto f 8.022,95 teruggevorderd aan ingevolge besluit I onverschuldigd betaald wachtgeld, onder mededeling dat de vordering wordt gebruteerd indien deze niet voor 1 januari 2001 is voldaan. - de netto vordering wegens afgedragen loonbelasting verhoogd tot een bedrag van bruto f 11.134,63. Verweerder heeft daarbij tevens besloten tot verrekening met de lopende wachtgelduitkering over te gaan tot ongeveer f 1.000,00 per maand. Uitspraak vernietigd. Centrale Raad, 23 oktober 2003, 02/667

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen