Rb. Rotterdam 12 december 2000, ECLI:NL:RBROT:2000:AA9716
Weigering verstrekking robotarm op basis van achterhaalde toelichting en te beperkt gegeven uitleg aan art. 2 Regeling hulpmiddelen 1996. Weigering verstrekking robotarm aan gehandicapte minderjarige met progressieve spierziekte M. Duchenne. Nu de aangehaalde toelichting bij art. 24, eerste lid, aanhef en onder d, van de Regeling hulpmiddelen 1996 het vervallen indicatiecriterium als maatstaf aanlegt, is de toelichting op dit onderdeel achterhaald en dient deze naar het oordeel van de rechtbank buiten toepassing te worden gelaten voorzover deze de robotarm uitsluit op basis van dit oude criterium. Nu de toelichting bij art. 26 van de Regeling in algemene termen spreekt en het tweede lid van dit art. de bediening van huishoudelijke hulpmiddelen als zelfstandig crititerium aanlegt, terwijl uit de aanvraag blijkt dat de robortarm betrokkene o.a. in staat zal stellen mede te communiceren via telefoon, fax en computer, vermag de rechtbank niet in te zien dat de robotarm, welke gelet op de aangehaalde toelichting als een computer met aanpassingen kan worden aangemerkt, niet kan worden begrepen onder de in art. 26, eerste lid aanhef en onder a, van de Regeling bedoelde zorgaanspraak. (...) Volgt gegrondverklaring beroep en vernietiging besluit. De Onderlinge Waarborgmaatschappij Zorgverzekeraar DSW, verweerder. mr. J.L. Lamers-Wilbers
De uitspraak op rechtspraak.nl