Rb. Roermond 7 februari 2011, ECLI:NL:RBROE:2011:BP4816
De rechtbank acht verweerders standpunt dat buiten de toepassing van artikel 35, zesde lid, van de WWB het verlenen van bijzondere bijstand voor de kosten van een aanvullende ziektekostenverzekering in geen geval mogelijk is, in rechte niet houdbaar. Aan de hand van de omstandigheden van het geval zal moeten worden beoordeeld of de kosten van een aanvullende ziektekostenverzekering noodzakelijk zijn als bedoeld in artikel 35, eerste lid van de Awb en, indien gebruik kan worden gemaakt van een door de gemeente afgesloten collectieve aanvullende verzekering, of die omstandigheden grond vormen om niettemin bijzondere bijstand te verlenen in de kosten van een andere aanvullende verzekering. Het verlenen van zodanige bijzondere bijstand is met name op zijn plaats in geval aannemelijk is dat substantiële ziektekosten zijn te verwachten welke op grond van een individuele aanvullende verzekering kunnen worden vergoed, terwijl die kosten niet, of in beduidend mindere mate, worden gedekt door de collectieve verzekering die het bevoegde college aanbiedt.
De uitspraak op rechtspraak.nl