Rb. Overijssel 18 februari 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:888

In deze zaak gaat het er om of eiser tijdig een beroep heeft gedaan op haar legitieme portie in de nalatenschap van de vader en de moeder van partijen. De rechtbank is van oordeel dat eiser alleen tijdig een beroep heeft gedaan op haar legitieme portie in de nalatenschap van moeder. Deze zaak gaat ook over het vaststellen van de omvang van de legitieme portie van eiser in de nalatenschap van moeder. Om die te kunnen berekenen moet eerst de legitimaire massa worden vastgesteld. Eiser stelt dat zij over onvoldoende informatie beschikt om die te kunnen berekenen en wil meer informatie van gedaagde. Gedaagde stelt zich op het standpunt dat zij alle beschikbare informatie al heeft gedeeld met eiser. De rechtbank is van oordeel dat gedaagde eerst nadere stukken in het geding dient te brengen alvorens verder kan worden beslist over de door eiser ingestelde vorderingen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen