Rb. Overijssel 1 september 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:5490

Gedaagden zijn deelgenoten in de nalatenschap van hun echtgenoot/vader, die in 2024 is overleden. In deze zaak vordert eiseres ontbinding van de hoevepachtovereenkomst, omdat het gepachte niet langer voor de bedrijfsmatige uitoefening van de landbouw wordt gebruikt en aanvullend omdat het gepachte in het verleden niet persoonlijk is gebruikt. De pachtkamer is van oordeel dat niet komt vast te staan dat sprake is (geweest) van een tekortkoming in de nakoming en wijst de vordering tot ontbinding af. Daarnaast vordert eiseres betaling van achterstallige pacht, maar ook die vordering wordt afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken