Rb. Overijssel 27 augustus 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:5311

Deze zaak betreft een internationaal handelsgeschil. Op de tussen partijen bestaande overeenkomst is het Weens Koopverdrag van toepassing. Partij A heeft producten geleverd aan Asymmetrie en daarvoor gefactureerd. Partij A vordert in deze procedure (in conventie) betaling van een deel van de facturen, vermeerderd met rente. Asymmetrie betwist niet de verschuldigdheid van de facturen, maar stelt dat deze facturen (en zelfs iets meer dan dat) al contant betaald zijn. In reconventie vordert Asymmetrie terugbetaling van het te veel betaalde en schadevergoeding wegens gebrekkig geleverde producten. De rechtbank wijst de vordering in conventie grotendeels toe en die in reconventie af. Naar het oordeel van de rechtbank heeft Asymmetrie onvoldoende feiten gesteld om het door haar ingeroepen rechtsgevolg te kunnen rechtvaardigen, zowel op het punt van de gestelde contante betalingen als op het punt van de vermeend gebrekkig geleverde producten

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken