Rb. Overijssel 2 juli 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:4388

Partij A 1 oefent sinds 1 mei 2006 samen met zijn zoon partij B een agrarisch bedrijf uit in de vorm van een maatschap. Met ingang van 1 januari 2017 zijn partij A 1 en partij B gaan samenwerken met partij A 2 en partij A 3. Omdat tussen partij A 1 en partij B inmiddels een onwerkbare situatie is ontstaan, is de vraag in de hoofdzaak wie het bedrijf moet gaan voortzetten. Partijen hebben in dat kader over en weer vorderingen ingesteld. In dit incident vordert partij B dat zijn vader een kopie van de jaarrekeningen van zijn persoonlijke onderneming over de jaren 2009 t/m 2024 verstrekt. De rechtbank zal hierna toelichten dat dit verzoek zal worden afgewezen. Partij B heeft onvoldoende concreet gesteld dat hij een belang heeft bij dit verzoek.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen