Rb. Overijssel 23 juli 2024, ECLI:NL:RBOVE:2024:3921

WLZ. Gegrond beroep. De rechtbank is van oordeel dat het zorgkantoor de aanvraag voor Extra Kosten Thuis vooralsnog ten onrechte heeft afgewezen, omdat het bestreden besluit onzorgvuldig tot stand is gekomen en onvoldoende is gemotiveerd. De rechtbank is op basis van de dossierstukken onvoldoende duidelijk geworden dat (telefonisch) overleg heeft plaatsgevonden, terwijl uit artikel 5.1a van de Rlz volgt dat dat overleg belangrijk is. Ook is het niet zonder meer begrijpelijk dat het zorgkantoor zich in beroep ineens op het standpunt stelt dat de aanvraag, anders dan in de beslissing op bezwaar, ook niet meer voldoet aan EKT-voorwaarden onder 1 en 2. De rechtbank bepaalt dat het zorgkantoor een huisbezoek moet laten plaatsvinden om vervolgens een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met in achtneming van deze uitspraak.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen