Rb. Overijssel 13 december 2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:3768
De kantonrechter vindt dat de werknemer niet – met een beroep op het wettelijke vermoeden van artikel 7:610b BW – met terugwerkende kracht alsnog extra loon kan vorderen over een periode in het verleden, voor welke periode hij heel bewust twee aanbiedingen voor een vaste urenomvang (in de zin van artikel 7:628a lid 5 BW) heeft afgewezen en hij die extra uren (om die reden) ook niet heeft gewerkt. De kantonrechter wijst de loonvordering daarom alleen toe voor de periode nadat de werknemer op 30 april 2021 het beroep op artikel 7:610b BW heeft gedaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl