Rb. Overijssel 9 november 2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:3330
De rechter-commissaris heeft geoordeeld dat het noodzakelijk is dat een onderzoek naar de geestvermogens van de verdachte zal worden ingesteld en dat dit niet voldoende op een andere wijze kan plaatsvinden dan door observatie in een psychiatrisch ziekenhuis of een inrichting tot klinische observatie bestemd. De brief van psychiater houdt in dat mede gezien de justitiële voorgeschiedenis van de verdachte en (ernstige) persoonlijkheidsproblematiek er een indicatie is voor een dubbel Pro Justitia-rapport. De verdachte wilt hier echter niet aan meewerken, omdat hij zich beroept op zijn onschuld. Met een plaatsing in het Pieter Baan Centrum staat gelet op de proceshouding van verdachte en zijn weigering mee te werken aan gedragskundig onderzoek, niet zonder meer vast dat er resultaten geboekt worden, waardoor aan het noodzaakcriterium niet is voldaan. De rechtbank onderkent dat een weigerachtige en ontkennende verdachte weliswaar geobserveerd kan worden, maar acht een plaatsing op basis van de huidige verdenkingen die uitdrukkelijk door verdachte worden ontkend en weersproken, niet aangewezen, te meer nu er nog getuigen moeten worden gehoord door de rechter-commissaris en de resultaten van forensisch technisch onderzoek nog niet beschikbaar zijn. Afhankelijk van het verdere onderzoek kan een eventuele opname voor klinische observatie ook in een later stadium alsnog worden bevolen. De rechtbank vernietigt op grond van het voren overwogene het bevel ex artikel 196 Sv van rechter-commissaris.
De uitspraak op rechtspraak.nl