Rb. Overijssel 3 mei 2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:1414

Executiegeschil. Eiser vordert onder meer opheffing danwel schorsing van het door gedaagde gelegde beslag en van de door gedaagde genomen executiemaatregelen. Doordat gedaagde niet in persoon of bij advocaat op de dienende dag in het geding is verschenen, laat de voorzieningenrechter het door gedaagde ingediende processtuk buiten beschouwing en verleent zij verstek. De vorderingen van eiser komen de voorzieningenrechter ongegrond voor en de voorzieningenrechter wijst de vorderingen van eiser dan ook af. De voorzieningenrechter is van oordeel dat gedaagde geen misbruik van haar bevoegdheid maakt door over te gaan tot tenuitvoerlegging van het tussen partijen gewezen arrest van het hof. Nu het processtuk van gedaagde buiten beschouwing wordt gelaten en verstek is verleend, is er geen aanleiding om eiser in de proceskosten van gedaagde te veroordelen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken