Rb. Overijssel 1 mei 2013, ECLI:NL:RBOVE:2013:CA0392
Renvooiprocedure. Vertegenwoordiging tijdens verificatievergadering. Mondelinge lastgeving aan een rechtspersoon. Naar het oordeel van de rechtbank is in de wet niet te lezen dat het niet is toegestaan dat een schuldeiser zich op de verificatievergadering laat vertegenwoordigen door een gevolmachtigde. Artikel 120 lid 1 Faillissementswet maakt het zelfs mogelijk dat een daartoe gevolmachtigde in plaats van de "echte" schuldeiser de daar bedoelde eed kan afleggen. Het verweer van de curator dat alleen de "echte" schuldeisers als eisers tot verificatie hadden moeten optreden, wordt verworpen. Er is nagelaten om te stellen op welk moment en hoe de gestelde mondelinge last is verstrekt. De rechtbank hecht er aan om te beklemtonen dat rechtspersonen als zodanig nog steeds niet kunnen spreken en luisteren. Het stellen dat een mondelinge last aan een rechtspersoon, is gegeven en geaccepteerd zonder nadere toelichting aan wie in concreto dan die last moet zijn medegedeeld en waarom die persoon bevoegd is (geweest) namens die rechtspersoon die last te accepteren, moet in dit kader als onvoldoende gespecificeerd worden aangemerkt. Het door eisers tot verificatie gevorderde moet worden afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl