Rb. Oost-Brabant 13 mei 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3175
Betreft voorlopige voorziening hangende bezwaar. Het bezwaar heeft geen redelijke kans van slagen omdat het niet is gericht tegen een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht. Een verzoek om beginselbereidheid uit te spreken om planologische medewerking te verlenen is onvoldoende voor een concrete melding of aanvraag, Verzoekster heeft niet ondubbelzinnig kenbaar gemaakt dat zij een melding of aanvraag wil indienen en ook niet aan de wettelijke indieningsvereisten voldaan. Het betreft hier een verzoek om informatie, het antwoord daarop is geen op rechtsgevolg gericht besluit. De e-mail van 25 februari 2026 is wel een bestuurlijk rechtsoordeel nu hierin uitleg wordt gegeven over de toepasselijkheid van een wettelijk voorschrift. De uitzondering op grond waarvan een bestuurlijk rechtsoordeel zou kunnen worden aangemerkt als besluit is hier echter niet van toepassing.
De uitspraak op rechtspraak.nl