Rb. Oost-Brabant 16 oktober 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:4825

Deze uitspraak gaat over het beroep van de Inspecteur-Generaal Leefomgeving en Transport tegen twee vergunningsvoorschriften in de door het college van gedeputeerde staten van Zeeland aan Dow verleende revisievergunning (een allesomvattende overzichtsvergunning) voor de locatie in Terneuzen. In de twee voorschriften wordt met toepassing van artikel 2.22, vijfde lid van de Wabo een gesommeerde grenswaarde opgesteld voor de stikstofuitstoot van het grootste complex binnen Dow. Hierbij wordt tegelijkertijd afgeweken van de landelijke eisen voor stookinstallaties (paragrafen 5.1.1 en 5.1.5 van het Abm). Dow is een van de grootste stikstof uitstotende bedrijven in Nederland. De rechtbank is van oordeel dat het college te gemakkelijk is afgeweken van de landelijke eisen en onvoldoende heeft onderbouwd waarom een relatief soepele emissiegrenswaarde wordt opgelegd aan Dow. Door deze keuze hoeft Dow haar bestaande installaties niet te verbeteren en haar hoge stikstofuitstoot niet te verminderen. Binnen Dow worden de best beschikbare technieken (BBT) toegepast. Dat wil niet zeggen dat Dow niets hoeft te doen om tot een lagere stikstofuitstoot te komen, mede gelet op het feit dat de wetgever in het Abm nu eenmaal strengere NOx emissiegrenswaarden heeft opgenomen dan de emissieniveau’s in de toepasselijke BBT’s. Het college krijgt wel de kans om de gebreken in het besluit te herstellen, mede omdat de rechtbank meerdere oplossingsrichtingen ziet.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken