Rb. Oost-Brabant 6 februari 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:389
Bewezenverklaringen ter zake 197a en 197b van het Wetboek van Strafrecht. Verdachte heeft van zijn het plegen van deze misdrijven zijn beroep en gewoonte gemaakt. OVAR ter zake het onder 197a bewezenverklaarde omdat de rechtbank van oordeel is dat artikel 197b Sr is aan te merken als een specialis van artikel 197a Sr. De rechtbank legt aan verdachte een gevangenisstraf op voor de duur van 12 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.
De uitspraak op rechtspraak.nl