Rb. Oost-Brabant 29 augustus 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:3871
[gedaagde]is in 2015 in dienst getreden van Oostappen voor werkzaamheden in de horeca op een vakantiepark. Er bestond een persoonlijke band met de directeuren. In de loop der tijd is geen registratie bijgehouden van de plus- of minuren. Volgens de geldende CAO Recreatie is de werkgever daartoe gehouden. Dat kan niet aan de werknemer worden overgelaten. Van een minurenaftrek kan daarom niet worden uitgegaan. Bij gebreke van registratie en concrete gegevens wordt een plusurenvaststelling gedaan op grond van de beschikbare informatie. De werkgever zal daarvan een loonberekening moeten gaan opstellen. Daarbij moet rekening gehouden worden met een hogere schaal dan voorheen werd toegepast. Niet aangenomen kan worden dat Oostappen ter zake de arbeidsongeschiktheid van [gedaagde]tekort is geschoten in de nakoming van haar zorgplicht.
De uitspraak op rechtspraak.nl