Rb. Oost-Brabant 15 mei 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:2117

De rechtbank is van oordeel dat op de aanvraag de kruimelgevallenregeling van toepassing is (artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2, van de Wabo, in combinatie met artikel 4, aanhef en onderdeel 9, van bijlage II bij het Bor). De wet maakt het mogelijk om niet alleen sec voor de huisvesting van asielzoekers maar ook voor de ondersteunende faciliteiten deze procedure toe te passen. Het beroep van het COA over het niet tijdig beslissen is gegrond verklaard. Niet in geschil is dat het college van B&W te laat was. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen het college alsnog op de aanvraag moet besluiten bepaald op drie weken na de dag van verzending van het proces-verbaal van de mondelinge uitspraak. Voor iedere dag dat het college later een besluit bekend maakt, verbeurt het een dwangsom van 500 euro per dag met een maximum van 15.000 euro.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen