Rb. Oost-Brabant 16 mei 2023, ECLI:NL:RBOBR:2023:2254
Betreft onderzoek 26Alston Veroordeling voor 2: het als leider deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van een misdrijf als bedoeld in artikel 10, 10a en 11 Opiumwet; 3: medeplegen van gewoontewitwassen; 4: medeplegen van een feit als bedoeld in artikel 10 Opiumwet voorbereiden of bevorderen door - zich of een ander gelegenheid, middelen of inlichtingen tot het plegen van dat feit trachten te verschaffen en - voorwerpen, stoffen, gelden en andere betaalmiddelen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit. 5: medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder A van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd. Vrijspraak voor feit 1, medeplegen van het opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland brengen, althans opzettelijk bereiden en/of bewerken en/of verwerken en/of verkopen en/of afleveren en/of verstrekken en/of vervoeren, in elk geval opzettelijk aanwezig hebben van 106 kilo cocaïne en feit 6, medeplegen van overtreding van een voorschrift, gesteld bij artikel 40 lid 2 van de Geneesmiddelenwet (kort gezegd ketamine in voorraad hebben). Verweer nietige dagvaarding met betrekking tot feit 4 is verworpen. Rechtmatigheidsverweren vergaring en verwerking van de EncroChat, SkyECC en Anom data zijn verworpen en de verzoeken dienaangaande zijn afgewezen. Het verzoek tot heropening, na sluiting van het onderzoek gedaan, is afgewezen. De rechtbank is van oordeel dat de zich in het dossier bevindende cryptoberichten gelden als ‘overig geschrift’ als bedoeld in artikel 344 lid 1 sub 5 Sv. en dat om aan het wettelijke bewijsminimum te voldoen aanvullend bewijs nodig is. Verdachte heeft gedurende een periode van ruim 21 maanden leiding gegeven aan een criminele organisatie die zich op professionele wijze bezighield met (het voorbereiden van) grootschalige handel in en productie van (synthetische) drugs. Verdachte stuurde andere leden van de organisatie aan, gaf hen opdrachten en bepaalde waarin werd geïnvesteerd. (…) Op papier had verdachte geen cent te makken en belasting betalen was niet aan hem besteed. Ondertussen leefde hij echter in weelde, bracht langere tijd door op een luxe jacht op de Seychellen en reisde de wereld rond. Verdachte heeft er alles aan gedaan om buiten het zicht van justitie te blijven, onder meer door te communiceren via verschillende cryptotelefoons en risicovolle klussen door andere leden van de organisatie te laten opknappen. Verdachte heeft enkel gehandeld uit winstbejag en heeft zich niet bekommerd over de schadelijke gevolgen van zijn handelen. Opgelegd wordt een gevangenisstraf voor de duur van 10 jaren met aftrek van voorarrest. Verdovende middelen worden onttrokken aan het verkeer en een telefoon wordt aan verdachte geretourneerd. De eis van de officier van justitie was een gevangenisstraf voor de duur van 15 jaren met aftrek van voorarrest.
De uitspraak op rechtspraak.nl