Rb. Oost-Brabant 27 juni 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:2600

Vrijspraak voor het kort gezegd aansteken van zwaar vuurwerk bij een gasverdeelstation waardoor een explosie heeft plaatsgevonden in Oss. De rechtbank acht de herkenningen door verbalisanten niet voldoende voor de bewijsvoering om vast te stellen dat verdachte de persoon is op de camerabeelden. De overeenkomende kleding wordt evenmin van voldoende gewicht geacht. De getuigenverklaring die resteert beschouwt de rechtbank als een aanwijzing voor betrokkenheid van verdachte bij de brandstichting maar levert niet voldoende direct bewijs. Dit geldt evenzeer voor tapgesprekken die verdachte voert, onder meer met zijn vriendin en een tapgesprek die zijn vriendin voert. Verdachte wordt wel veroordeeld voor het voorhanden hebben van een geluiddemper. Het verweer afwezigheid van alle schuld (verontschuldigbare rechtsdwaling) ten aanzien van de geluiddemper wordt verworpen. Toepassing van artikel 9a Sr: geen straf wordt opgelegd. Er was reeds sprake van ondergane voorlopige hechtenis. Wel wordt de geluiddemper onttrokken aan het verkeer. De vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling wordt afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen