Rb. Oost-Brabant 20 mei 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:2269
Aanslag rioolheffing eigenaar niet-woning en OZB/WOZ-beschikking. De heffingsambtenaar stelt dat eiser bij extreme neerslag gebruikmaakt van de gemeentelijke riolering als de door eiser getroffen afwateringsvoorziening niet toereikend is. Eiser vindt de kans daarop klein, maar dat is niet relevant. Eiser gebruikt in die gevallen de gemeentelijke riolering om zich van afvalwater te ontdoen. Wel heeft de gemeenteraad zich bij het definiëren van het belastbare feit in de toepasselijke verordening beperkt tot de situaties waarin sprake is van een aansluiting op het buizenstelsel van de riolering. Die situatie doet zich hier niet voor en dus het belastbaar feit evenmin. Beroep in zoverre gegrond, vernietiging UOB en aanslagen rioolheffing. De heffingsambtenaar heeft verder aannemelijk gemaakt dat de vastgestelde WOZ-waarde niet te hoog is. Beroep in zoverre ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Noord-Holland 16 november 2020, ECLI:NL:RBNHO:2020:9993
- Rb. Noord-Nederland 29 oktober 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:3865
- Hof 's-Hertogenbosch 9 april 2020, ECLI:NL:GHSHE:2020:1200
- Rb. Noord-Nederland 8 maart 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:983
- Hof Arnhem-Leeuwarden 3 april 2013, ECLI:NL:GHARL:2013:BZ7001
- Hof Arnhem-Leeuwarden 8 januari 2013, ECLI:NL:GHARL:2013:BY8814