Rb. Oost-Brabant 8 oktober 2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:5404
Eiseres heeft aangevoerd dat de heffingsambtenaar weliswaar inzichtelijk heeft gemaakt welke indexeringspercentages verweerder heeft gehanteerd, maar dat niet duidelijk is waar deze cijfers op zijn gebaseerd. Verweerder heeft toegelicht dat het indexeringspercentage is berekend op basis van permanente marktanalyse (PMA). Met die algemene beschrijving heeft verweerder echter niet inzichtelijk gemaakt hoe hij tot dit percentage is gekomen, omdat daaruit niet is af te leiden welke verkoopcijfers voor deze PMA zijn gebruikt en eiseres die gegevens niet kan controleren en zo nodig gemotiveerd betwisten. Hier is dus sprake van een ‘black box.’ De rechtbank volgt verweerder niet in diens standpunt dat de indexeringscijfers in onderhavige zaak niet of nauwelijks van belang zijn. Op de zitting is door verweerder aangegeven dat het gaat om een zeer groot aantal verkooptransacties en een enorme dataset zou moeten worden verstrekt aan eiseres om voor de gevraagde onderbouwing te kunnen zorgen. Dat is naar oordeel van de rechtbank echter geen reden om de gegevens niet te verstrekken. Het is aan verweerder om daarin een manier te vinden die zo praktisch als mogelijk is. De rechtbank begrijpt uit de toelichting op de zitting van verweerder overigens dat in ‘nieuwe’ bezwaarprocedures standaard in één keer al dit soort gegevens aan de gemachtigde van eiseres worden toegezonden. De rechtbank ziet niet in waarom verweerder, gelet op het verzoek van eiseres, ook in deze zaak niet de gevraagde data heeft verstrekt, nu dat kennelijk wel mogelijk is geweest in andere zaken.
De uitspraak op rechtspraak.nl