Rb. Oost-Brabant 19 maart 2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:1211
Mestvergister Nistelrode. Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning milieu In deze zaak heeft de provincie op verzoek van het bedrijf de voorschriften gewijzigd van de geldende vergunningen voor een co-vergistingsinstallatie in Nistelrode. De gemeente Bernheze en omwonenden komen hier tegen op. De wijziging maakt het mogelijk om 72.000 ton dierlijke mest te verwerken (dit was voorheen 37.500 ton dierlijke mest en 36.500 ton co-substraten De rechtbank is van oordeel dat de provincie de voorschriften niet mocht wijzigen om twee redenen. Door de wijziging van de voorschriften verandert de werking van het bedrijf op een aantal onderdelen. Zo kan het bedrijf nu ook worden ingezet als monovergister en is er een fors grotere hoeveelheid digestaat na verwerking. Hierdoor wordt de grondslag van de aanvraag voor de oude vergunningen verlaten en dat is in strijd met artikel 2.31, tweede lid onder b van de Wabo. In de oude vergunningen stond ook een voorschrift op grond waarvan de geurbelasting van het bedrijf bepaalde grenzen niet mocht overschrijden. De rechtbank is van oordeel dat de mate van bescherming van het milieu tegen de geurhinder van de inrichting in 2013 mede is bepaald door dit voorschrift. Verweerder heeft onderzocht wat de worst case geurbelasting was van de eerder vergunde activiteiten van het bedrijf en de geurbelasting als gevolg van de verwerking van 72.000 ton dierlijke mest nieuwe geurvoorschriften gesteld. De door de rechtbank ingeschakelde deskundige (de Stichting advisering bestuursrechtspraak) concludeert dat er nu een 3 tot 7 maal hogere geurimmissie wordt vergund dan voorheen. Het besluit van de provincie leidt tot een toename van de geurbelasting op de omgeving. Dit is niet in het belang van de bescherming van het milieu. Ook om deze reden is het bestreden besluit in strijd met artikel 2.31, tweede lid onder b, van de Wabo. In een uitspraak van dezelfde datum oordeelt de rechtbank dat de provincie eerder terecht aan het bedrijf een last onder dwangsom heeft opgelegd. Er is geen sprake van een verplichting om een overtreding door de vingers te zien omdat er een concreet zicht is op legalisatie.
De uitspraak op rechtspraak.nl