Rb. Oost-Brabant 22 september 2020, ECLI:NL:RBOBR:2020:5165
Verdachte heeft als werkgever handelingen verricht en/of nagelaten in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Arbeidsomstandighedenwet. Als gevolg daarvan is een werknemer van verdachte bij het uitvoeren van de werkzaamheden overleden. Het beroep op eendaadse samenloop wordt verworpen. Naar het oordeel van de rechtbank is de redelijke termijn bedoeld in artikel 6 EVRM met twee maanden overschreden. De rechtbank volstaat met die constatering en verbindt daar geen gevolgen aan. De rechtbank veroordeelt verdachte tot een geldboete van € 100.000,--.
De uitspraak op rechtspraak.nl