Rb. Oost-Brabant 10 juni 2020, ECLI:NL:RBOBR:2020:2910
Trefwoorden: overtreding meststoffenwet, VDM, ontbreken siloregistratienummers, afwijkende GPS-coördinaten, matiging boete, gelijkheidsbeginsel Samenvatting: Eiseres heeft de Meststoffenwet overtreden omdat zij voor 166 VDM’s geen siloregistratienummer heeft ingevuld, terwijl de silo wel een registratienummer had. Het registratienummer dient om een silo te kunnen identificeren. Dat volgens eiseres het registratienummer GPS-coördinaten betreffen van een locatie ergens in Roemenië en dat dat nummer dus niet de werkelijke locatie van de silo weergeeft, neemt niet weg dat met dat registratienummer de desbetreffende silo wordt geïdentificeerd. Eiseres had dus geen goede reden om het genoemde registratienummer niet in te vullen op de VDM’s. Als eiseres in de veronderstelling verkeerde dat aan de silo een onjuist registratienummer was toegekend, dan had zij niet op eigen beweging het invullen van dat nummer achterwege kunnen laten. Zij had de minister schriftelijk op de hoogte moeten stellen van de onjuiste vermelding en aan hem moeten vragen hoe het juiste nummer aan de silo kan worden toegekend. Matiging boete in verband met beroep op het gelijkheidsbeginsel. Uit de overgelegde bladzijde van een ander besluit blijkt dat in die zaak, net als in deze zaak, overtreding van artikel 61 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet aan de orde was. In dat besluit heeft de minister uitdrukkelijk te kennen gegeven dat hij een boete kan matigen door uit te gaan van een boetebedrag per klasse van 20 transporten. De minister heeft niet inzichtelijk gemaakt waarom hij in dit geval de boete niet heeft gematigd aan de hand van genoemde staffel.
De uitspraak op rechtspraak.nl