Rb. Oost-Brabant 30 oktober 2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:6263
Betreft de feitelijk leidinggevende van ECLI:NL:RBOBR:2019:6261. Als feitelijk leidinggevende overtreden van artikel 14 Meststoffenwet en het plegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd. Opgelegd wordt een gevangenisstraf voor de duur van 2 jaren met aftrek van voorarrest waarvan 1 jaar voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren. Afbreuk is gedaan aan het stelsel van de Meststoffenwet, dat onder meer tot doel heeft het terugdringen van het mestoverschot en de bescherming van het milieu. Geen overschrijding van de redelijke termijn. Verweer ontbreken materiele wederrechtelijkheid is verworpen.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 14a Sr
- Artikel 14b Sr
- Artikel 14c Sr
- Artikel 14d Sr
- Artikel 27 Sr
- Artikel 33 Sr
- Artikel 33a Sr
- Artikel 47 Sr
- Artikel 51 Sr
- Artikel 55 Sr
- Artikel 57 Sr
- Artikel 225 Sr
- Artikel 1a WED
- Artikel 2 WED
- Artikel 6 WED
- Artikel 14 Meststw
- Artikel 1 Wet op de identificatieplicht
- Artikel 34 Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet
- Artikel 39 Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet
- Artikel 6 EVRM