Rb. Oost-Brabant 21 juni 2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:3416
Uitbreiding uitzondering op stalderingsregeling. Verbindendheid van de BZV De zaak gaat over de uitbreiding van een varkenshouderij in Oostelbeers. Hiervoor is eerst een vergunning verleend. In bezwaar is deze vergunning geweigerd. In een eerdere uitspraak van 24 mei 2017 (ECLI:NL:RBOBR:2017:2824) is het besluit op bezwaar vernietigd. Daarna heeft de gemeente Oirschot de vergunning nog een keer geweigerd, vanwege strijd met de regels over de Brabantse Zorgvuldigheidsscore en de stalderingseisen in de Verordening ruimte Noord-Brabant. De rechtbank is van oordeel dat de gemeente heeft getoetst aan de verkeerde BZV regels. Artikel 7l van het Besluit Crisis en Herstelwet (dat de BZV mogelijk maakt) is volgens de rechtbank niet onverbindend. De rechtbank is verder van oordeel dat verweerder de stalderingseisen in de VrNB buiten toepassing had moeten laten omdat de veehouderij over een vergunning beschikte toen de VrNB werd vastgesteld. Eisers klagen terecht dat zij steeds worden geconfronteerd met nieuwe verplichtingen voor het realiseren van hun bouwplannen. De rechtbank verklaart de bezwaren van omwonenden zelf ongegrond. Dat betekent dat de omgevingsvergunning van 17 december 2015 met de daarop volgende wijzigingen van 8 april 2016, 6 juli 2017 en 20 oktober 2017 kan worden gehandhaafd.
De uitspraak op rechtspraak.nl