Rb. Oost-Brabant 7 december 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:6087
Is het plaatsen van caravans een betoging? Verzoekers hebben caravans op de lege standplaatsen geplaatst en spandoeken opgehangen. Ook vragen ze aandacht in de media. Daarmee dragen zij het standpunt uit dat er te weinig woonwagenplaatsen zijn in Nederland. De voorzieningenrechter beschouwt deze activiteiten als een betoging. Verweerder merkt hier over op dat op een bepaald moment het punt is gemaakt en dat dan de betoging eindigt. Dat klopt. Ook de voorzieningenrechter is van oordeel dat de betoging eindigt, op het moment dat er geen daadwerkelijke handelingen meer worden verricht om het gemeenschappelijk standpunt uit te dragen. Op dat moment moeten de caravans worden verwijderd. Alleen heeft verweerder niet aannemelijk gemaakt dat de betoging feitelijk was geëindigd op het moment dat de bestreden besluiten werden genomen of op het moment van de zitting. verweerder heeft niet aannemelijk gemaakt dat de bescherming van de gezondheid of de bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden het plaatsen van caravans in de weg staat. Het recht op betoging of vergadering zet niet zonder meer de verboden in de Wabo opzij. Men mag vergaderen en betogen op plaatsen waar dit binnen de Wabo wel is toegestaan. Verweerder heeft in deze zaak niet aangegeven waar de caravans dan wel mogen staan. De voorzieningenrechter laat toe dat de caravans mogen staan tot na de beslissing op bezwaar tegen het besluit tot verwijdering van de caravans. De bezwaren moeten nog worden behandeld. Ook het gemeentelijke woonwagenbeleid wordt begin 2019 ontwikkeld. In de bezwaarfase kan verweerder bovendien nagaan of nog steeds sprake is van een betoging en of dat er andere redenen zijn om de betoging te beperken of te beëindigen. Daarom schorst de voorzieningenrechter de bestreden besluiten tot één week na de bekendmaking van de beslissing(en) op bezwaar.
De uitspraak op rechtspraak.nl