Rb. Oost-Brabant 3 oktober 2017, ECLI:NL:RBOBR:2017:5173

Kort geding. Een pandrecht komt op grond van art. 3:98 jo 84 BW (in het algemeen) tot stand door registratie van een onderhandse door een bevoegde pandgever getekende akte op grond van een afspraak met de pandhouder dat een pandrecht gevestigd zal worden. Is tussen pandgever en pandhouder afgesproken dat een pandrecht in tweede rang gevestigd zal worden, dan zal dat, in het geval de pandgever bevoegd was, een tweede pandrecht constitueren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen