Rb. Oost-Brabant 26 september 2017, ECLI:NL:RBOBR:2017:5125

Kort geding. Beslag op en bewaring ex art. 709 Rv van het paard K-CLASS Z. Partijen zijn het erover eens dat ‘bewaring’ in casu ook inhoudt het trainen van alsmede het deelnemen aan wedstrijden door het paard, nu het gaat om een professioneel wedstrijdpaard dat zijn waarde verliest als het niet traint en niet op wedstrijden wordt uitgebracht. Het is op grond van art. 856 Rv jo art. 7:602 BW en art. 7:603 BW (in beginsel) aan de bewaarder om de wijze waarop het paard getraind wordt te bepalen en te beslissen op welke wedstrijden het paard wordt uitgebracht en door welke ruiter het wordt bereden. In een procedure tegen de beslaglegger kan de beslagene met betrekking tot de wijze waarop de bewaarder het paard dient te “bewaren” geen vorderingen geldend maken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen