Rb. Oost-Brabant 26 januari 2017, ECLI:NL:RBOBR:2017:359

Opleggen van een boete aan eiser zowel in zijn hoedanigheid als medepleger als in zijn hoedanigheid van feitelijk leidinggever is in strijd is met het beginsel van ne bis in idem. De rechtbank zoekt aansluiting bij het strafrechtelijke leerstuk “Samenloop van strafbare feiten” (boek 1, Titel VI, van het WSr), waarin geldt dat, indien een feit onder meer dan één strafbepaling valt, de strafbepaling wordt toegepast waarop de zwaarste straf is gesteld. Hiervan uitgaande en in aanmerking genomen dat het verweerder vrijstaat eiser te beboeten als medepleger of als feitelijk leidinggever, komt de rechtbank tot het oordeel dat de laagste boete vernietigd dient te worden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken