Rb. Oost-Brabant 16 september 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:5385
Verzoek om studiefaciliteiten van een politiemedewerker voor een niet-functiegerichte opleiding (d.w.z. een opleiding die niet functie- of loopbaangericht is, maar toch in het belang is van zowel de politie als de ambtenaar). Een grammaticale uitleg van de op zichzelf heldere tekst van artikel 7, eerste lid, van de Regeling studiefaciliteiten politie leidt tot de conclusie dat het toekennen van studiefaciliteiten voor een niet-functiegerichte opleiding imperatief is voorgeschreven. De toelichting op deze bepaling is niet zó duidelijk dat voor de rechtbank vaststaat dat de kennelijke bedoeling van de regelgever is om in dit verband een discretionaire bevoegdheid aan verweerder toe te kennen. Andere situatie dan waarvan sprake was in de uitspraak van de CRvB van 7 november 2013 (ECLI:NL:CRVB:2013:2343). Verweerder was gehouden eiser op zijn aanvraag studiefaciliteiten toe te kennen voor de niet-functiegerichte (deeltijd)opleiding HBO-Rechten.
De uitspraak op rechtspraak.nl