Rb. Oost-Brabant 22 januari 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:311
Een gevangenisstraf van 202 dagen met aftrek voorarrest voor het tezamen en in vereniging voorhanden hebben van MDMA. Tevens is bewezen verklaard dat verdachte een geldbedrag van € 33.965,-- voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist dat dit geld van misdrijf afkomstig was. Ontslag van alle rechtsvervolging ten aanzien van dit feit. Onttrekking aan het verkeer van het geldbedrag. Volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad is geld als wettig betaalmiddel, ongeacht de herkomst en/of bestemming, niet vatbaar voor onttrekking aan het verkeer. De rechtbank is van oordeel dat deze jurisprudentie aanvulling behoeft bij ontslag van alle rechtsvervolging vanwege het voorhanden hebben van geld afkomstig uit eigen misdrijf.
De uitspraak op rechtspraak.nl