Rb. Oost-Brabant 7 april 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:1954
Door de bedrijven van verdachte is in 2011 en 2012 minimaal 336.000 kilogram paardenvlees ingekocht en verwerkt. Er is in de administratie echter niet geregistreerd dat paarden zijn verwerkt, waardoor ook niet op de verkoopfacturen en bijbehorende bescheiden was vermeld dat het geleverde vleesproduct paardenvlees bevatte. De klanten gingen er vanuit dat de geleverde producten overeenkomstig hun bestelling alleen rundvlees bevatte. De rechtbank acht bewezen dat de bedrijven van verdachte pakbonnen/facturen valselijk en in strijd met de waarheid hebben opgemaakt en daarvan gebruik hebben gemaakt en dat verdachte feitelijk leiding heeft gegeven aan deze verboden gedragingen. De rechtbank legt een gevangenisstraf van 30 maanden met aftrek voorarrest op.
De uitspraak op rechtspraak.nl