Rb. Oost-Brabant 23 oktober 2014, ECLI:NL:RBOBR:2014:6311
Een chauffeur van een transportbedrijf heeft bij het vervoer van gevaarlijke stoffen niet de bij of krachtens het Besluit gevaarlijke stoffen gestelde regels in acht genomen. Verdachte (het transportbedrijf) acht zich strafrechtelijk niet aansprakelijk omdat hij de zorg heeft betracht die in redelijkheid van hem kon worden gevergd met het oog op voorkoming van de gedraging. De economische politierechter is van oordeel dat de verboden gedraging van de chauffeur in redelijkheid aan de rechtspersoon kan worden toegerekend. Chaffeurs van verdachte hebben zich door de jaren heen vele malen schuldig gemaakt aan soortgelijke overtredingen. Van verdachte kan worden gevergd dat hij op zijn minst steekproefsgewijs controle uitoefent op de naleving van de instructies door de chauffeurs.
De uitspraak op rechtspraak.nl