Rb. Oost-Brabant 15 oktober 2014, ECLI:NL:RBOBR:2014:6025
Beroepsaansprakelijkheid assurantietussenpersoon. Beroep op verval van recht (art. 6:89 BW) slaagt niet. Niet gebleken van enig concreet nadeel aan de zijde van de tussenpersoon. Een assurantietussenpersoon dient tegenover zijn opdrachtgever de zorg te betrachten die van een redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsgenoot mag worden verwacht. Niet valt in te zien dat de assurantietussenpersoon ten opzichte van de werknemers als verzekerden en daarmee direct betrokken derden een andere zorgvuldigheidsnorm in acht diende te nemen dan ten opzichte van zijn opdrachtgever. De werkgever als opdrachtgever werd geadviseerd omtrent een aanvullende collectieve arbeidsongeschiktheidsverzekering ten behoeve van haar werknemers en de tussenpersoon heeft het ook op zich genomen deze werknemers voor te lichten, zodat kenbaar was dat de belangen van deze werknemers hierbij direct waren betrokken, In het kader van artikel 6:162 BW dient dan ook van dezelfde zorgvuldigheidsnorm te worden uitgegaan. Bewijsopdracht aan eisers.
De uitspraak op rechtspraak.nl