Rb. Oost-Brabant 7 maart 2013, ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ3440
Verdachte heeft zich gedurende een langere periode, in georganiseerd verband, bij herhaling schuldig gemaakt aan handel in hennep, zowel im- als export. Daarbij ging het om grote hoeveelheden. De criminele organisatie hield zich tevens bezig met het witwassen van drugsgelden. De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is geweest van schending van beginselen van behoorlijke procesorde door het leggen van heimelijk beslag. De beslissing van de officier van justitie over het vervolgen staat in het algemeen niet ter beoordeling van de rechter, tenzij de vervolging in strijd is met verdragsbepalingen of met de beginselen van een goede procesorde zoals het gelijkheidsbeginsel. Verdachte wordt voor deze feiten, in afwijking van de eis van het Openbaar Ministerie, veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 5 jaar en 6 maanden.
De uitspraak op rechtspraak.nl