Rb. Noord-Nederland 5 februari 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:364
IB/PVV box 3-heffing 2020 en 2021. Eiser stelt dat er geen wettelijke grondslag of geen terugwerkende kracht geldt voor de heffing over zijn box 3. De rechtbank volgt hem niet in deze stelling en is verder van oordeel dat eiser niet aan zijn bewijslast, dat zijn werkelijk genoten rendement lager is dan het forfaitair rendement zoals vastgesteld op de verminderingsbeschikking, heeft voldaan. Eiser neemt bij het invullen van de formulieren OWR 2020 en 2021 voor beide jaren het onjuiste standpunt in dat er geen rekening dient te worden gehouden met het ongerealiseerde rendement. Ook is de rechtbank van oordeel dat het fiscaal partnerschap niet in strijd is met internationale verdragen of Europees recht.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Noord-Nederland 29 januari 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:268
- HR 14 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:853
- HR 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:704
- HR 6 juni 2024, ECLI:NL:HR:2024:705
- HR 31 mei 2024, ECLI:NL:HR:2024:567
- HR 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1963
- HR 29 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2517
- HR 10 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1129