Rb. Noord-Nederland 15 mei 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2147

In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet. Het bezwaar tegen het besluit van de NCG van 13 mei 2025 heeft daarom naar voorlopig oordeel geen redelijke kans van slagen. Weliswaar heeft verzoeker het verzoek ook gericht tegen het Instituut Mijnbouwschade (IMG), maar uit de gedingstukken is niet gebleken van relevante besluitvorming door het IMG.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken