Rb. Noord-Nederland 7 mei 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:1787

Eiseres heeft in 2014 een appartement gekocht. Over deze verkrijging is overdrachtsbelasting geheven. In 2018 heeft eiseres 49/100 onverdeeld aandeel in het appartement overgedragen aan haar partner. Hierdoor is tussen eiseres en haar partner een gemeenschap ontstaan. In 2024 is de gemeenschap tussen eiseres en haar - inmiddels - ex-partner verdeeld. Hierbij is het appartement aan eiseres toegedeeld. Hierover is overdrachtsbelasting geheven. In geschil is of terecht overdrachtsbelasting van eiseres is geheven ter zake van de toedeling. De rechtbank is van oordeel dat de samenwonersvrijstelling in het geval van eiseres niet van toepassing is. De rechtbank is verder van oordeel dat die uitkomst niet in strijd is met het evenredigheids- of het gelijkheidsbeginsel. De rechtbank is tot slot van oordeel dat de van eiseres geheven overdrachtsbelasting wel leidt tot een schending van haar eigendomsrecht, maar dat de rechtbank die heffing desondanks niet ongedaan kan maken

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken