Rb. Noord-Nederland 22 maart 2024, ECLI:NL:RBNNE:2024:1210

De staatssecretaris heeft aan eiseres twee bestuurlijke boetes en een last onder dwangsom opgelegd vanwege overtreding van artikel 2a, tweede lid, van de Alcoholwet. Dit artikel bepaalt dat het verboden is om bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank aan te bieden of te verstrekken voor gebruik elders dan ter plaatse waarbij de indruk wordt gewekt dat de prijs lager is dan 75% van de prijs die gewoonlijk wordt gebruikt. De rechtbank komt tot het oordeel dat de beroepen van eiseres ongegrond zijn. Van belang is dat de maatregel uit artikel 2a, tweede lid, van de Alcoholwet, anders dan eiseres betoogt, niet in strijd is met het vrije verkeer van goederen zoals geldt in de Europese Unie. Ook bestaat geen strijd met het lex certa-beginsel. De staatssecretaris heeft bij oplegging van de twee bestuurlijke boetes terecht geconstateerd dat eiseres artikel 2a, tweede lid, van de Alcoholwet heeft overtreden. Het beroep dat eiseres heeft gedaan op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel slaagt niet. De rechtbank is verder van oordeel dat de hoogte van de bestuurlijke boetes, zoals vastgesteld door de staatssecretaris, passend en geboden is. Ook bestaat geen aanleiding voor de conclusie dat oplegging van de last onder dwangsom onredelijk is of dat de hoogte daarvan dient te worden gematigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken