Rb. Noord-Nederland 7 juni 2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:2329
Gedeeltelijke gezagsuitoefening door GI (art. 1:265e BW) met betrekking tot het geven van toestemming voor diagnostisch onderzoek van de minderjarigen. Toepassing van art. 1:265h BW geen passend alternatief, nu de vorm en uitvoering van de diagnostiek nog niet concreet is. Minderjarige van 12 jaar niet in staat tot redelijke waardering van zijn belangen. Minderjarige van 14 jaar wel en deze stemt in met het diagnostisch onderzoek, waardoor verzoek t.a.v. deze minderjarige is afgewezen. In beginsel is voldaan aan de criteria voor verlenging van de machtiging uithuisplaatsing bij de andere met gezag belaste ouder (vader). Ten aanzien van één van de minderjarigen wordt de machtiging echter voor kortere duur verlengd en wordt een bijzondere curator benoemd, nu deze minderjarige zich onttrekt aan het gezag van de vader en weigert daar te verblijven. De bijzondere curator kan onderzoeken in hoeverre de minderjarige, in het krachtenveld waarin hij zich bevindt, voldoende ruimte krijgt zich zelfstandig een mening te vormen, gelet op de zeer nauwe relatie die de minderjarige met de moeder lijkt te hebben. Ook kan de bijzondere curator onderzoeken welke impact de uithuisplaatsing heeft op zijn dagelijkse leven. Daarbij kan aandacht zijn voor de vraag wat de minderjarige nodig heeft om de band met de vader te verbeteren. In afwachting van de informatie die uit het nog uit te voeren perspectiefonderzoek bij de ouders en diagnostisch onderzoek van de minderjarige komt, kan de bijzondere curator de rechtbank over de huidige situatie van de minderjarige adviseren.
De uitspraak op rechtspraak.nl