Rb. Noord-Nederland 25 mei 2022, ECLI:NL:RBNNE:2022:2093

Op basis van de door eiser overgelegde gegevens, stelt de rechtbank vast dat in het postcodegebied waarin eiser woont, in 2020 in 227 gevallen een schadevergoeding is uitgekeerd in verband met mijnbouwschade. De rechtbank is van oordeel dat dit gegeven een belangrijke indicatie is voor de aanname dat het gebied waarin eiser woont aardbevingsgevoelig is, in die zin dat trillingen in dit gebied zodanig zijn dat dit schade aan woningen kan veroorzaken. Gegeven deze omstandigheid, is de rechtbank van oordeel dat in dit geval hogere eisen gesteld dienen te worden aan de weerlegging van het bewijsvermoeden. De rechtbank is van oordeel dat het IMG er ten aanzien van de schades die verband houden met de dakconstructie van hoofdgebouw en schuur niet in is geslaagd. De conclusie dat hier geen sprake is van mijnbouwschade wordt naar het oordeel van de rechtbank teveel afgedaan met verwijzing naar algemeenheden. Gelet op de geconstateerde trilling op de locatie van eisers woning (2,04 mm/s) en het feit dat er in het postcodegebied waarin eiser woont in vele gevallen wel een schadevergoeding is toegekend, maakt dat in dit geval de door de deskundige gegeven motivering voor de conclusie dat het bewijsvermoeden is weerlegd niet voldoende is. Naar het oordeel van de rechtbank had het IMG zich dan ook niet op de rapporten van de deskundigen mogen baseren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken