Rb. Noord-Nederland 24 mei 2022, ECLI:NL:RBNNE:2022:1962
CRTV. Hoogte van de transitievergoeding. Het Uwv is bij de vaststelling en berekening van de hoogte van de transitievergoeding ten onrechte uitgegaan van een vaste arbeidsduur. Uit de loonstroken over het jaar 2014 blijkt dat er in iedere maand sprake is geweest van een wisselende arbeidsduur van de ex-werknemer. Het Uwv had op grond van artikel 2 van het Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding voor wat betreft de arbeidsduur uit had moeten gaan van het gemiddeld gewerkte aantal uren van de ex-werknemer in het kalenderjaar 2014. Het Uwv heeft de hoogte van de transitievergoeding niet op juiste wijze vastgesteld. Het besluit op bezwaar berust niet op een juiste uitleg van artikel 2 van het Besluit en daarmee niet op een deugdelijke onderbouwing. De rechtbank verklaart het beroep gegrond. Het Uwv dient een nieuw besluit op bezwaar te nemen.
De uitspraak op rechtspraak.nl