Rb. Noord-Nederland 22 september 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:4196

Zus A en broer B verschillen van mening met broer C over de omvang van de nalatenschap en de legitieme portie en of A en B naast hun aanspraak op hun legitieme portie verdeling van de nalatenschap kunnen vorderen. A en B stellen dat hun legitieme portie is geschonden door giften en het legaat aan C (alle aandelen in de Beheer B.V.). De Beheer B.V. op haar beurt dagvaardt A, B en C omdat zij een rekening-courant vordering heeft op de nalatenschap. De procedures worden gevoegd en de rechtbank oordeelt dat de vordering van Beheer B.V. niet kan worden toegewezen omdat Beheer B.V. de erfgenamen in persoon heeft gedagvaard terwijl zij de nalatenschap beneficiair hebben aanvaard. De rechtbank gaat wel in op de verweren van A en B tegen de vordering van Beheer B.V. Het verweer van A en B dat toekenning van de vordering van Beheer B.V. in strijd is met de redelijkheid en billijkheid omdat de vordering grotendeels voortkomt uit een schenking van erflaatster aan de erfgenamen, gaat niet op. Beheer B.V. is een aparte rechtspersoon. De rechtbank oordeelt dat A en B naast verdeling ook aanspraak kunnen maken op hun legitieme, voor zover hun verkrijging uit de verdeling minder is dan de legitieme. De rechtbank moet daarom zowel de omvang van de te verdelen nalatenschap bepalen als de omvang van de legitieme massa. Voor de berekening van de legitieme porties van A en B zal de waarde van de aandelen moeten worden vastgesteld, waarbij het winkelpand en de woning aan (van de Beheer B.V.) opnieuw getaxeerd moeten worden door een deskundige. Vervolgens zullen eerst de schulden van de nalatenschap moeten worden voldaan, voordat de nalatenschap kan worden verdeeld. Een belangrijk deel van de (opbrengsten uit de) nalatenschap is echter al verdeeld. Omdat de schulden hoger zijn dan de banksaldi, zullen de schulden of uit de reeds verdeelde opbrengsten moeten worden betaald of op andere wijze. De rechtbank geeft partijen in overweging om op basis van de beslissingen in het vonnis in onderling overleg de nalatenschap af te wikkelen en alsnog tot een verdeling te komen. Als partijen geen overeenstemming bereiken, overweegt de rechtbank een notaris te benoemen ten overstaan van wie de verdeling - met inachtneming van het vonnis - plaatsvindt. Deze notaris zou desgewenst ook een deskundige kunnen benoemen om het winkelpand en de woning van de Beheer B.V. te waarderen. In dat geval is een benoeming van een deskundige door de rechtbank niet nodig. Partijen mogen zich hier nog over uitlaten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken