Rb. Noord-Nederland 17 december 2019, ECLI:NL:RBNNE:2019:5241
Onthouding goedkeuring aan aangaan verbinding met onderneming die zonnepanelen beheert. Eiseres is een toegelaten instelling als bedoeld in de Woningwet. Zij is eigenaar van meerdere woongelegenheden in de gemeente Midden-Groningen. De woningen verhuurt zij voor permanent verblijf. De derde-partij realiseert een zonnepanelenpark in Zuidbroek. Eiseres heeft verweerder om goedkeuring verzocht om zich te verbinden met de derde-partij. Eiseres is voornemens om lid te worden van de derde-partij door het doen van een kapitaalstorting aan de derde-partij van in totaal € 61.440,-. Die storting ziet op de aankoop van 240 zonnepanelen, voor € 256,- per paneel. Eiseres beoogt de energieopbrengst van die panelen aan te wenden voor het elektriciteitsverbruik van de algemene ruimtes van een aantal van haar woongelegenheden. De rechtbank stelt voorop dat uit de Woningwet volgt dat verweerder zijn goedkeuring onthoudt indien de toegelaten instelling niet uitsluitend en de met haar verbonden onderneming niet naar rato werkzaam zijn op het gebied van de volkshuisvesting. Tussen partijen is niet in geschil dat de door eiseres beoogde verbinding met de derde-partij enkel ziet op diensten als bedoeld in artikel 45, tweede lid, aanhef en onder c, van de Woningwet. Gelet op de wetgeschiedenis is de rechtbank van oordeel dat verweerder zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat artikel 47 van het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 (Btiv) op dit geval van toepassing is. De rechtbank is voorts van oordeel dat verweerder zich in redelijkheid op het standpunt heeft gesteld dat de diensten die eiseres beoogt te leveren middels de verbinding met de derde-partij, geen diensten zijn als bedoeld in artikel 45, tweede lid, aanhef en onder c, van de Woningwet. Niet in geschil is dat die beoogde diensten door nutsbedrijven aan de bewoners van de woongelegenheden van eiseres kunnen worden geleverd en thans ook worden geleverd. Voorts is van belang dat vaststaat dat de 240 zonnepanelen niet in of op woongelegenheden van eiseres worden aangebracht. De dichtstbijzijnde woongelegenheden van eiseres liggen op ruim een kilometer van het zonnepanelenpark. De rechtbank overweegt dat verweerder bij de interpretatie van het woord “nabij” in artikel 47, eerste lid, aanhef en onder b, van het Btiv in redelijkheid aansluiting heeft kunnen zoeken bij de toelichting in paragraaf 3.2 van de Nota van Toelichting bij het Btiv. Anders dan eiseres stelt, liggen de panelen op het zonnepanelenpark op ruime afstand van haar woongelegenheden en vormen die panelen geen onderdeel van de infrastructuur van haar woningen. Daarom is geen sprake van energielevering van een nabij de woongelegenheden aanwezige voorziening. De rechtbank is van oordeel dat verweerder in redelijkheid zijn goedkeuring heeft onthouden. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl