Rb. Noord-Nederland 18 mei 2018, ECLI:NL:RBNNE:2018:2057
Weigering maatwerkvoorziening voor het doen van boodschappen. Onvoldoende is onderzocht of betrokkene, die nagenoeg blind is, een bestelling kan doen bij een boodschappendienst en dus of betrokkene daadwerkelijk gebruik kan maken van een boodschappendienst. Ook is niet onderzocht of een boodschappendienst voor betrokkene financieel haalbaar is. Daarnaast voldoet de toegekende maatwerkvoorziening voor wasverzorging en schoonmaken van het huis niet aan het rechtzekerheidsbeginsel en is die voorziening onvoldoende gemotiveerd. Het college stelt dat de benodigde hulp bij het sorteren van de was en het terugleggen van de schone was kan vallen onder een eerdere toegekende maatwerkvoorziening huishoudelijke hulp voor het schoonmaken van de woning voor 3 uur in de week, nu in de praktijk is gebleken dat feitelijk minder uren hulp wordt verleend en dat met de zorgaanbieders is afgesproken dat zij zo nodig een extra hand zullen en moeten uitsteken. Het college heeft niet aangegeven welk deel van de toegekende tijd van 3 uur per week voor wasverzorging is bestemd. Ook heeft het college niet gemotiveerd dat met de toegekende 3 uur per week een passende bijdrage kan worden geleverd aan wasverzorging en het schoonmaken van het huis.
De uitspraak op rechtspraak.nl