Rb. Noord-Nederland 17 april 2018, ECLI:NL:RBNNE:2018:1484
Boetebesluit Meststoffenwet. Verweerder heeft twee verschillende beoordelingen in het bestreden besluit gemaakt, waarbij is vastgesteld of: 1. eiseres in aanmerking komt voor fosfaatdifferentiatie. 2. de derogatie waarvan eiseres gebruik maakt moet vervallen. Gelet op het verschil tussen deze twee beoordelingen heeft verweerder terecht de ingediende bewijzen niet geaccepteerd bij de beoordeling of eiseres in aanmerking kan worden gebracht voor toepassing van fosfaatdifferentiatie. Op basis van hetgeen hiervoor is overwogen kon verweerder dat doen omdat bij de Gecombineerde opgave de Pw- en PAL-getallen nog niet waren aangeleverd. Ook kon verweerder tot de conclusie komen dat, als de hogere fosfaatgebruiksnormen van toepassing zouden zijn geweest, eiseres deze niet zouden hebben overschreden en dat daarom de derogatie niet hoeft te vervallen. Tussen partijen is niet in geschil dat de PAL- en Pw-getallen niet uiterlijk op 15 mei 2013 bij verweerder zijn aangeleverd door vermelding daarvan in de Gecombineerde opgave. Dit verzuim is niet te herstellen door de ontbrekende gegevens alsnog ná die peildatum aan te leveren. Overschrijding redelijke termijn. Volstaan wordt met het oordeel dat de geconstateerde verdragsschending voldoende is gecompenseerd met de enkele vaststelling dat inbreuk is gemaakt op artikel 6, eerste lid, van het EVRM.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- CBb 7 september 2017, ECLI:NL:CBB:2017:355
- CBb 27 juli 2017, ECLI:NL:CBB:2017:304
- CBb 16 februari 2017, ECLI:NL:CBB:2017:59
- CBb 28 november 2016, ECLI:NL:CBB:2016:441
- CBb 17 november 2016, ECLI:NL:CBB:2016:372
- HR 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:252
- Rb. Noord-Nederland 20 augustus 2015, ECLI:NL:RBNNE:2015:4010
- HR 19 december 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD0191