Rb. Noord-Nederland 7 december 2016, ECLI:NL:RBNNE:2016:5902

Eisers zijn lid geweest van de coöperatie van gedaagde. De coöperatie draagt zorg voor de verwerking en de afzet van zetmeelaardappelen. Eisers hebben hun lidmaatschap opgezegd. Tussen partijen is in de kern genomen in geschil of de volgende bepalingen in de statuten, te weten betaling van een bepaalde bedrag per aandeel in geval van overdracht van de aandelen aan de coöperatie bij opzegging van het lidmaatschap, de opzegtermijn, de leveringsverplichting en de boetes indien niet wordt voldaan aan de leveringsverplichting, in strijd zijn met de wet, althans artikel 2:60 BW, artikel 2:8 BW en artikel 6:248 BW, dan wel (in combinatie) in strijd zijn met artikel 101 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (hierna: VwEU), althans artikel 6 en 24 Mededingingswet (hierna: Mw), met als gevolg dat de (boete)besluiten van de coöperatie al dan niet voor vernietiging in aanmerking komen. De rechtbank oordeelt dat geen sprake is van strijd met voornoemde bepalingen en wijst de vorderingen van eisers af. De in reconventie door de coöperatie gevorderde boetes wegens onderlevering worden toegewezen. Dit geldt ook voor de gevorderde betaling van een bepaald bedrag per aandeel voor de overdracht van de aandelen aan de coöperatie.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken