Rb. Noord-Nederland 1 juli 2015, ECLI:NL:RBNNE:2015:4452

De rechtbank is van oordeel dat de minister bij de totstandkoming van artikel 20, aanhef en onder l, van de Regeling onvoldoende heeft afgewogen wat de mogelijke omstandigheden kunnen zijn waaronder vier of meer foutieve hertesten worden gesignaleerd. De regeling biedt geen ruimte voor een beoordeling in hoeverre er sprake is van technische complicaties, onwetendheid of onjuist gebruik. Voorts volgt uit artikel 20, eerste lid, aanhef en onder l, van de Regeling dat verweerder geen rekening kan houden met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene. Daardoor is in de Regeling de evenredigheid onvoldoende gewaarborgd voor die gevallen waarin sprake is van verontschuldigbare redenen of ingrijpende persoonlijke omstandigheden, zodat artikel 20, aanhef en onder l, van de Regeling in strijd is met artikel 3:4, tweede lid, van de Awb en derhalve onverbindend is. Beroep gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken